Wie zijn de slechtste debiteuren in de eurozone?

Debiteuren

Een alternatieve verklaring waarom Griekenland zo onder druk kwam blijkt uit het staatje in The Economist. Hierin wordt een rangorde van slechtste debiteur naar best opgesteld aan de hand van een aantal criteria zoals het overheidstekort, de netto, schuld en groei van het BNP.

Wilfried Steentjes van Steentjes Vermogensbeheer: "Bovenaan, en dus slechtste, staat Griekenland. Binnen de Eurozone volgen Ierland, Portugal en Spanje. De PIGS zoals dat zo mooi heet. Maar vervolgens komt Frankrijk, dan (pas) Italië, België en vervolgens Nederland. Oostenrijk en Duitsland volgen. Als beste Euroland wordt gezien Finland. Zweden is de beste debiteur. De Verenigde Staten voor de volledigheid wordt gezien als een betere debiteur dan Frankrijk."

Natuurlijk kunnen er wat mitsen en maren worden gezet bij dit soort staatjes. Maar het verklaart wel waarom Griekenland de afgelopen weken in de problemen kwam.

Wilfried Steentjes van Steentjes Vermogensbeheer: "Het probleem is dan ook niet zomaar opgelost. Maar het kan ook overdreven worden. Zolang binnen de Eurozone de ruggen recht worden gehouden, en Frankrijk niet in de problemen komt zal de euro niet uiteenvallen. Wel is het duidelijk dat de overdreven stijging van de afgelopen jaren beëindigd is. Op zichzelf is een zwakkere euro niet een groot probleem. Het helpt de export. Overigens afgelopen week kwam Vietnam met een staatslening naar de markt. Met gemak werd deze gekocht door beleggers. Diegenen die denken dat we in een crisis zitten wat betreft Staatsleningen moeten wellicht iets breder kijken."

Wanneer gaat de rente in de Verenigde Staten naar omhoog?

Gaat de Fed zich gedragen als de ECB?

Eén van de belangrijkste redenen waarom de Amerikaanse dollar in de afgelopen weken steeg, is de mogelijkheid van een wijziging in de Amerikaanse monetaire politiek. De anticipatie op een rentestijging is niettemin enigszins voorbarig wanneer we de commentaren van de leden van het Open Market Committee van de Amerikaanse centrale bank.

De leden van het FOMC blijven namelijk nogal sceptisch met betrekking tot het economisch herstel, zoals blijkt uit de 'minuten' (het verslag) van de laatste meeting van het FOMC. Die minuten verlaagden de prognoses wat betreft de groei van het Amerikaanse GDP. Hierbij dient echter te worden opgemerkt dat er op de Fed-meeting van maart nog niet was geweten dat de verkopen van bestaande huizen met 8,20% waren gestegen, terwijl er in maart 162.000 nieuwe jobs in de Amerikaanse economie zijn bijgekomen.

De verschillende Fed-gouverneurs zitten bovendien niet op dezelfde golflengte wat het economisch herstel betreft. M. Dudley verklaarde dat de economie nog niet het aantal jobs genereert dat hij zou willen en drong aan op lage rentevoeten voor 'verlengde periode'.

M Lacker had een gelijkaardige opmerking, deze Fed-gouverneur voelt zich veilig met de opmerking dat de basisrente nog geruime tijd laag zal blijven, zelfs wanneer het risico wordt gelopen dat er te lang wordt gewacht om de rente te verhogen.

A. Greenspan, de vorige Fed-gouverneur merkte op dat de Amerikaanse economie wel degelijk gestabiliseerd is, maar dat het risico blijft bestaan dat ze nog geruime tijd onder haar potentieel zal blijven. Greenspan kijkt vooral uit naar een duurzaam herstel van de vastgoedmarkt en stelt vast dat de inflatieverwachtingen op korte termijn stabiel blijven.

Op basis van bovenstaande verklaringen lijkt het weinig waarschijnlijk dat er een wijziging in de monetaire politiek zit aan te komen. Maar zoals we al zeiden: niet alle Fed-gouverneurs zitten op dezelfde golflengte. Gouverneur Hoenig hoopt dat de basisrente snel zal worden opgetrokken tot 1%. Volgens Hoenig hoeft de Amerikaanse economie aan een basisrente van 1% niet te vrezen voor een forse terugval.

Dit alles bewijst dat het debat rond de inflatie belangrijk is, de belangrijkste vrees is dat de inflatie gaat versnellen zonder dat de politiek van de Fed daarop is voorbereid. De opmerkingen van Greenspan met betrekking tot de inflatie benaderen alleszins dicht het Europees standpunt en laten de Fed toe om pro-actief te blijven.