Brits pond kan onder vuur komen te liggen
Britse pond onder vuur
Na Griekenland lijkt de focus zich nu te richten op het VK. Onzeker is wat de uitkomst gaat worden van de verkiezingen en of de Britse overheid erin gaat slagen haar financiën en economie op de rails te krijgen.
Van Lanschot Bankiers: "Onzekerheid en gebrek aan vertrouwen kunnen het Britse
pond op korte termijn hard raken en richting pariteit brengen. In de valutamarkt worden momenteel relatief veel posities ingenomen op een waardedaling van het pond. Mede op basis van de koopkracht- en concurrentieverhoudingen voorzien wij voor eind 2010 een koers van £ 0,90 per euro."
Komende maanden geen revaluatie van de Chinese yuan
China lijkt weinig gevoelig voor de politieke druk om haar ondergewaardeerde munt te revalueren. De president van de Chinese centrale bank heeft recent duidelijk aangegeven dat de dollar peg van kracht blijft en dat een eventuele revaluatie zeer geleidelijk zal verlopen.
Van Lanschot Bankiers: "China wil eerst zien hoe het economisch herstel zich verder voltrekt, voordat zij haar munt revalueert. Daarmee creëert zij alle ruimte om voorlopig niets te wijzigen. Op de valutamarkt wordt een voorzichtige revaluatie van de yuan ingeprijsd van de huidige 6,83 yuan per dollar naar 6,68 (+2,2%) eind dit jaar en 6,44 (+5,7%) eind 2011."
Eurozone
Gaat achter de nationale verschillen een globale verbetering schuil?
In heel de eurozone lijkt de in het derde kwartaal begonnen heropleving van de economische activiteit zich door te zetten. In januari stegen de PMI-indexen voor de industrie en de dienstensector opnieuw, respectievelijk tot 52,4 en 52,5 punten.
Dexia: "Toch blijven er aanzienlijke verschillen bestaan tussen de landen onderling: in Frankrijk en Duitsland staan de PMI-indexen voor de industrie boven 53 punten. Dat wijst voor de komende maanden op een duidelijke activiteitstoename. In Spanje, Griekenland en Ierland blijven de indexen echter onder 50 punten, wat wijst op een verdere activiteitsdaling."
Ook in de dienstensector komen de PMI-indexen in Frankrijk en Duitsland uit op een score van meer dan 52 punten, terwijl ze in Spanje, Griekenland en Ierland onder 50 punten blijven.
Dexia: "De komende maanden zou de heropleving van de wereldwijde groei de export van alle landen uit de eurozone moeten blijven ondersteunen. De terugkeer van positieve bbp-cijfers zou ook de jobvernietiging moeten vertragen. In de loop van 2010 zouden er netto zelfs nieuwe banen moeten bijkomen. Indien de situatie op de arbeidsmarkt daadwerkelijk verbetert, zou dat tot een gematigde consumptieheropleving moeten leiden. Maar ook op dat vlak zullen tussen de diverse Europese landen normaal opvallende verschillen blijven bestaan."
Zo is in Spanje en Ierland sinds januari 2008 de werkloosheid met respectievelijk 10,5 en 8,7 punten gestegen, terwijl in dezelfde periode de stijging van de werkloosheid in Frankrijk beperkt bleef tot 2,3 punten, en er in Duitsland zelfs sprake was van een daling met 0,3 punten.
Dexia: "Al bij al zouden de normalisering van de kredietvoorwaarden en de betere vraagvooruitzichten uiteindelijk gepaard moeten gaan met een bescheiden herstel van de bedrijfsinvesteringen in uitrustingsgoederen. Net als in de Verenigde Staten lijkt het mechanisme van de heropleving dus ook in de eurozone geleidelijk op gang te komen. Toch zullen de verschillen tussen de landen die deel uitmaken van de eurozone, de opdracht van de monetaire en budgettaire overheden behoorlijk moeilijk maken."
Een aantal economieën die door de crisis harde klappen kregen, met name die van Spanje, Griekenland, Ierland en Portugal, moeten nu snel hun overheidsfinanciën saneren. In combinatie met het feit dat een muntdevaluatie niet langer tot de mogelijkheden behoort, zorgt die verplichte sanering ervoor dat de betrokken landen erg afhankelijk zijn van hun handelspartners. In die context zal de rente nog gedurende een groot gedeelte van 2010 laag blijven. Ook in dit verband is de communicatie van de overheden over de uitstapstrategieën van cruciaal belang geworden.
