OPEC is tevreden met huidige olieprijs
OPEC pompt meer olie dan afgesproken boven
OPEC, het kartel van olie-exporterende landen dat nog altijd goed is voor 40% van de totale wereldproductie aan ruwe olie, ziet geen aanleiding om het productieplafond te verhogen voor de volgende vergadering van het kartel.
Die vergadering vindt op 14 oktober plaats. Volgens OPEC-secretaris generaal Abdalla El-Badri is de huidige olieprijs aanvaardbaar.
In december 2008 verlaagde de OPEC het productieplafond met 4,20 miljoen barrel tot 24,845 miljoen vaten. De beslissing werd genomen tegen de achtergrond van een daling van de olieprijs met 78%.
De vraag naar olie wordt momenteel vooral beïnvloed door de consumenten in China en het Midden-Oosten, terwijl de economie in de geïndustrialiseerde landen eerder aan het slabakken is.
Het International Energy Agency verwacht dat de consumptie buiten de OESO tegen 2015 goed zal zijn voor 2015 van de totale olieconsumptie. Dit jaar wordt dat percentage op 47 geraamd.
Abdalla El-Badri is van mening dat de ramp in de Golf van Mexico de olieprijzen op langere termijn kan beïnvloeden wanneer de regularisering van de markt te streng wordt en wanneer er grote projecten uitgesteld of afgeblazen worden.
Die regularisering kan volgens Abdalla El-Badri de aanvoer met 900.000 vaten per dag drukken, dit opnieuw tegen het jaar 2015. Het moratorium van zes maanden op
U.S. deepwater drilling zoals aangekondigd door president Barack Obama zal al minstens 70.000 vaten van de olieproductie voor 2011 afromen.
Abdalla El-Badri is van mening dat de beslissing op relatief korte termijn zal herzien worden en dat de situatie opnieuw genormaliseerd zal worden. Ook Noorwegen en Rusland hebben naar aanleiding van de markt beperkende maatregelen aangekondigd en gaan die mogelijk gaan herzien.
Verkoopadvies op BP blijft staan
ABN Amro: "Het politieke debat in de Verenigde Staten rondom BP is de afgelopen week weer toegenomen. Wij herhalen het verkoopadvies op het aandeel. De Democratische partij in de Senaat eist dat BP een fonds opzet ter waarde van USD 20 miljard, waarmee het directe schadeclaims kan betalen."
Terwijl de politieke druk dus toeneemt, maakt de internationale olie-industrie zich steeds meer zorgen over de impact van de ramp in de Golf van Mexico op de diepwater-boorsector. De bestuurders van verschillende concurrenten van BP, zoals Exxon Mobil, Chevron, ConocoPhillips en Royal Dutch Shell, nemen inmiddels al afstand van de onderneming. Ze stellen dat BP te veel risico's heeft genomen. Samen met de politieke druk zorg dit voor een giftige kritieke druk op de onderneming.
ABN Amro: "Wij vinden dat het niet mogelijk is om uit de significant gedaalde koers een koopadvies op te maken, gezien de onduidelijkheid rondom de toekomstige kosten uit rechtszaken, milieugerelateerde schadevergoedingen en boetes van toezichthouders. BP blijft dus een nachtmerrie wat betreft koerswaardering, en de volgende steun zal mogelijk komen uit een break-up scenario. Maar, ook daar een kanttekening. Wij betwijfelen of de diepwateractiviteiten van BP attractief genoeg zijn als geïnteresseerde kandidaten zich ook moeten inkopen in rechtszaken met mogelijk enorme financiële gevolgen."
